Trainingen begeleiden van gamende jongeren

Recente onderzoeken geven aan dat een kleine minderheid van de jongeren problemen heeft bij gamen. Ze verliezen de balans met andere activiteiten uit het oog, wat kan leiden tot mindere schoolprestaties of veranderend (sociaal) gedrag. Naast ouders, speelt de school een belangrijke rol bij preventie en het begeleiden van gamende jongeren. Als de problemen ernstiger van aard worden, krijgen ook hulpverleners te maken met deze doelgroep. Samen met mede-auteur Herm Kisjes van 'It's all in the games' verzorg ik in 2010 op meerdere dagen trainingen in Utrecht en Den Bosch: een voor professionals in het onderwijs en een voor hulpverleners bij GGZ-instellingen, jeugdzorg, Centra Jeugd en Gezin, opvoedingsadviesbureau en andere professionals die jongeren begeleiden. Aanmelden is vanaf nu mogelijk.

Verloren kennis en vaardigheden

Technologische innovaties volgen elkaar in razendsnel tempo op. Ze lossen problemen op of maken het ons nog gemakkelijker. Dat is mooi, maar er is een zelden belichte keerzijde: die van het verloren gaan van kennis en vaardigheden. Tom Wujec laat in onderstaande TED-talk het voorbeeld zien van een ingenieus instrument, waar men in vroeger tijden talloze nuttige metingen mee kon doen. Er zullen maar weinig mensen zijn die het apparaat nu nog kunnen bedienen.



De 'astrolabe' is slechts een voorbeeld. Met de komst van schroeven en superieure lijmen is veel kennis over houtverbindingen verloren gegaan. Wie kan er nog zelf een brood bakken? En ben jij hopeloos verloren als onderweg je navigatiesysteem het begeeft. Het weer voorspellen aan de hand van het gedrag van planten en dieren in de natuur? Waarom zou je als slimme computers met een kant-en-klare voorspelling voor dagenlang vooruit kunnen berekenen hoe het weer zich zal ontwikkelen. En is jouw handschrift ook zo verschrikkelijk geworden, sinds je van de basisschool af bent.

Welke van die kennis en vaardigheden hebben eigenlijk nog steeds hun waarde? Moeten we niet veel alerter zijn op wat verloren kan gaan door innovatie? Niet uit nostalgische overwegingen, maar puur omdat kennis en vaardigheden uit het verleden wellicht ook in de toekomst nog waardevol kunnen blijken.

Het wonderlijke puberbrein

Het televisieprogramma Profiel (HUMAN, IKON en KRO) besteedde gisteren aandacht aan het werk van puberbrein-onderzoekster Eveline Crone. De documentaire geeft een indruk van de fascinerende ontdekkingen die Crone en haar medewerkers deden, de theorieën die de wetenschap momenteel hanteert en de betekenis van dat alles voor pubers en iedereen die met pubers werkt. Crone vindt dat we de puberteit te veel als een problematische periode beschouwen. We zouden veel meer moeten kijken naar de functie van de puberteit en de unieke mogelijkheden en kwaliteiten van de puber.

Get Microsoft Silverlight

Crone schreef haar eerste bevindingen op in het vorig jaar verschenen boek 'Het puberende brein'. Ook aan te bevelen in dit kader: 'Puberbrein binnenstebuiten' van Yvonne van Sark en Huub Nelis.

Call of Duty: Modern Warfare 2



Schietspellen worden steeds realistischer. Over de abstract vormgegeven 2D shooters van tien, vijftien jaar geleden maakte bijna niemand zich zorgen. De nieuwste 3D-games zien er echter akelig realistisch uit, alsof je naar een film kijkt, met als verschil dat je zelf de trekker overhaalt. Call of Duty: Modern Warfare 2 is zo'n spel, de discussie over het geweld in het spel is deze week hoog opgelopen.

In de editie van 13 november van het VARA-televisieprogramma Vrouw & Paard was ik te gast om met een panel van vijf vrouwen in discussie te gaan over dit onderwerp.

Verschenen: 'It's all in the games. Gamen is geweldig | Gamen geeft problemen'



Uniek boek over opvoeden en begeleiden in relatie tot gamen
Jongeren en games: de mogelijkheden én de risico’s

Wat is er zo leuk aan het gamen, en... zitten er ook nadelen aan? Wat zeggen jonge gamers zélf over hun favoriete bezigheid? Hoe begeleid je als ouder of als professional een jongere in de richting van gezond game-gedrag? En wat doe je als je eigenlijk niets begrijpt van dat rare wereldje van avatars en virtuele omgevingen?

In ‘It’s all in the games. Gamen is geweldig | Gamen geeft problemen’ gaan docent en verslavingsdeskundige Herm Kisjes en onderwijsjournalist Erno Mijland in op deze en andere aspecten van het gamen door jongeren. Doel van het boek is om ouders, leraren en mentoren, hulpverleners houvast te bieden bij het begeleiden van jonge gamers in de leeftijd van 8 tot 25 jaar. Het boek laat de lezer kennismaken met de bijzondere wereld van het gamen. Jonge gamers vertellen zelf hoe zij deze wereld beleven. Twee vragenlijsten en concrete adviezen voor het opvoeden en begeleiden helpen gamers en hun begeleiders om te (blijven) werken aan gezond gamegedrag.

Twee voorzijden
De titel geeft al aan dat het boek uit twee delen bestaat. Ze hebben allebei een eigen voorzijde. Om in het andere deel te beginnen, moet het boek omgedraaid worden. Het is meer dan een speelse vorm, zeggen de auteurs. ‘Gamen kan een geweldige manier om te ontspannen en te leren zijn, maar het kan ook problemen geven. Beide aspecten verdienen de aandacht. ‘It’s all in the games’ geeft een genuanceerd beeld door in te steken op twee uitersten.’
‘Je leert een hoop subtiele dingen van games, en ook concrete dingen als het spel realistisch is. Hoe kun je iemand een betere voorstelling laten krijgen van bijvoorbeeld een oorlog dan hem er zelf onderdeel van uit te laten maken.’
(Rudy, 23 jaar)
Onderzoek
De auteurs werkten een jaar aan het boek. Het begon allemaal met de constatering dat er over de impact van games op jongeren veel wilde verhalen de ronde doen, onder ouders, in de media, maar ook onder wetenschappers. Games zijn verslavend! Games maken kinderen gewelddadig of neerslachtig! Games brengen je in een sociaal isolement! Maar ook: Games zijn een onschuldige vorm van entertainment! Games zijn het ultieme leermiddel! Maar hoe zit het nu echt? Om daar inzicht in te krijgen voerden Kisjes en Mijland gesprekken met deskundigen - van opvoedkundigen tot experts uit de gamewereld - en gingen op zoek naar ervaringen uit de eerste hand.
‘Ik stel altijd dat vrienden en school vóór het gamen gaan, maar soms is het toch lastig de game los te laten als je er eenmaal mee bezig bent.’
(Arjan, 21 jaar)
Ze hielden interviews met ouders en gamers en zetten enkele enquêtes uit. De respons was overweldigend: ruim 400 respondenten vulden met opvallend veel toewijding de vragenlijst in. Voor de auteurs was het een bevestiging dat onder gamers en (professionele) opvoeders een grote behoefte is aan een serieuze dialoog over de impact van het gamen op jonge mensen. Kisjes en Mijland hopen dat ‘It’s all in the games’ aan die dialoog een bijdrage levert.
‘Het is belangrijk dat opvoeders beschikken over enige kennis over games. It's all in the games brengt die kennis op een duidelijke en, toepasselijk genoeg, speelse manier. Niet eerder heb ik de potentiële mogelijkheden en valkuilen van videogames zo overzichtelijk naast elkaar zien staan. Essentieel voor alle ouders die de denkwijze van hun kinderen willen doorgronden.’
(Michel Musters, redactiecoördinator Gamer.nl, www.gamer.nl)
‘It’s all in the games. Gamen is geweldig | Gamen geeft problemen’ is uitgegeven door Uitgeverij InnoDoks. ISBN: 978-94-90484-01-9. Omvang: 124 pagina’s full colour.

Klik hier voor meer informatie/om te bestellen.

Eigen kracht!

Tijdschrift Markant heeft deze maand een interessant artikel over de Eigen Kracht Conferentie. Dit model voor het omgaan met problemen bij jongeren is afkomstig uit Nieuw-Zeeland (Family Group Conference) en geïnspireerd op de Maori-cultuur. In 2007 interviewde ik de Nederlandse ambassadeur van dit model, Rob van Pagée": "We zijn het in onze samenleving een beetje kwijtgeraakt: je kunt ook zelf wat doen als iemand in je nabije omgeving in de problemen zit." Een aantal fragmenten uit dit eerdere interview...

Spijbelaar
Maikel (14) spijbelt steeds vaker. Soms blijft hij de hele dag weg van school. Hij hangt dan in de stad. Daar is hij al twee keer opgepakt door de politie wegens winkeldiefstal. De leerplichtambtenaar onderneemt actie. Van Pagée: "Het is in Nederland de gewoonte meteen maar een hele batterij professionele hulpverleners in te schakelen. Daar kunnen dan wel eens absurde oplossingen uit naar voren komen: een politieagent die zo'n jongen elke ochtend thuis komt ophalen en hem naar school brengt." Van Pagée is warm pleitbezorger van een andere benadering, waarbij de hoofdrol weggelegd is voor het netwerk rondom de persoon met een probleem. "We hebben allemaal zo’n eigen kring, mensen die dichtbij staan: familie, buren of kennissen. De mensen in dit netwerk weten veel meer over de betrokkene dan de professional en hebben een grotere persoonlijke betrokkenheid. Iedereen beschikt bovendien over een hoeveelheid levenservaring en mensenkennis. Die kennis en eigen kracht zou je veel meer moeten benutten. Vroeger gebeurde dat vanzelfsprekend. Maar we zijn het sinds de Tweede Wereldoorlog, met de opkomst van het medisch model, een beetje kwijtgeraakt. De gedachte is dat er voor elk probleem een expert is: bemoei je er als amateur dus maar niet mee. Gevolg: het systeem pakt de verantwoordelijkheid van de burger af en de burger legt problemen meteen bij het systeem neer. Ondertussen is er steeds meer bewijs, ook uit wetenschappelijk onderzoek, dat het bijna altijd efficiënter is eerst in eigen kring naar oplossingen te zoeken."

Conferentie
"Iedereen heeft een eigen netwerk", vervolgt Van Pagée. "Mensen willen meer voor elkaar doen dan je denkt. Maar je moet er wel om vragen." En dat is precies wat Eigen Kracht doet. Bijvoorbeeld voor Maikel. "De school van Maikel geeft het signaal dat de jongen steeds vaker van school wegblijft. Een coördinator van Eigen Kracht gaat aan de slag. Hij vraagt mensen uit het netwerk rond Maikel eens bij elkaar te komen om het probleem te bespreken: ouders, opa, oom Jan, tante Truus… mensen met een sterke betrokkenheid bij de jongen. We noemen zo'n bijeenkomst een Eigen Kracht Conferentie. De conferentie vindt plaats in de eigen omgeving, is eigendom van de betrokkenen en is vooral informeel. Alleen het onderwerp en het doel van de bespreking staan vast." Hoe ziet zo’n bijeenkomst eruit? "De conferentie heeft een vaste structuur. In de informatiefase wordt het probleem in kaart gebracht en spreken de betrokken professionals hun zorgen uit. Ze mogen vertellen wat ze te bieden hebben, maar niet adviseren. Hierna volgt de fase die we 'besloten tijd' noemen. De mensen uit het netwerk zijn onder elkaar. Ook de coördinator is er niet bij. Hij is wel beschikbaar op de achtergrond. Zijn taak is om de veiligheid te waarborgen. Doel van deze fase is een plan op te stellen met een aantal concrete actiepunten. Ten slotte presenteren de deelnemers hun plan aan de verantwoordelijke professional, bijvoorbeeld de leerplichtambtenaar of de gezinsvoogd, die de plannen altijd zal accepteren, als ze maar veilig zijn." Hoe ziet zo’n plan eruit? "Het gaat vooral om concrete, niet eens zo’n ingrijpende afspraken: opa brengt Maikel ‘s morgens naar school (Maikel vindt het stoer om zich af te zetten tegen een politieagent, maar zijn opa respecteert hij), oom Jan helpt elke donderdagavond twee uurtjes met zijn huiswerk enzovoort. Conferenties leveren gemiddeld achttien afspraken op. Zo'n 80 procent betreft acties van de directe omgeving. Slechts een klein deel wordt uitbesteed aan de professionele hulpverlening."

Nog altijd een interessant gegeven, ook gezien de aanhoudende zorg over de jeugdzorg in Nederland.

Slimmer werken met e-mailmappen: 'Filter maken'

Elke dag eindigen met een lege inbox... het blijft een opgave. Een lege inbox geeft echter rust, een opgeruimd gevoel, het idee dat je de boel onder controle hebt. De moeite waard dus om er elke dag aan te werken.

Het gaat er allemaal om zo weinig mogelijk tijd te besteden aan het verwerken van mail, maar tegelijkertijd met aandacht en toewijding relevante berichten te lezen en te beantwoorden. De ruis eruit, is de boodschap. Dus zorg je er bijvoorbeeld voor dat filters nieuwsbrieven direct naar een aparte map verzenden, die je eens in de week of in een loos moment even scant op mogelijk interessante informatie.

Het aanmaken van filters is helaas niet iets waar je met een keer puzzelen voor altijd van af bent. Voortdurend komen er nieuwe typen berichten bij die eigenlijk gefilterd moeten worden. Of afzenders veranderen iets in hun manier van verzenden (een ander mailadres, een andere titel), waardoor een eerder gemaakt filter niet meer werkt.

Het aanmaken van een filter kost even tijd. Heb je het druk, dan is het gemakkelijker op de 'delete'-knop te drukken. Nadeel: je bent het bericht kwijt én krijgt de volgende keer soortgelijke berichten weer in je inbox.

Tijd voor een oplossing. Maak een map 'Filter maken' aan en verplaats daar het betreffende bericht in. Al naar gelang de vulling van de map werk je bijvoorbeeld een keer in de week je filters bij.

Even er tussen uit met Stefan Sagmeister

Ontwerper Stefan Sagmeister neemt elke 7 jaar een sabattical. In die periode legt hij zich toe op projecten waar hij in de dagelijkse routine niet aan toe komt. In juli blikte Sagmeister tijdens TED terug op de resultaten van zijn laatste sabattical. Zijn presentatie staat bol van de creatieve, artistieke projecten. Bijzonder inspirerend. Geen tijd om deze video helemaal te kijken? Spoel dan zeker even door naar 13:41 minuten voor het kunstwerk 'Self confidence produces fine results'.



Bijna tegelijkertijd las ik via Twitter dat Huub van Zwieten zichzelf een bijzondere uitdaging heeft opgelegd: vanuit het niets in 50 dagen een seminar organiseren voor meer dan 500 deelnemers en een feest voor meer dan 1000 mensen met bovendien een grote opbrengst voor een goed doel.

Het laat mij achter met de vraag: wat zou ik nu eens (anders) gaan ondernemen als ik een jaar lang zou stoppen met de activiteiten die ik nu in mijn portefeuille heb.

Nieuw: Run2Day Magazine



Op 12 juni van dit jaar ontving ik een e-mailbericht van Peter van Rhoon van uitgeverij Supertroopers. Of ik zin had mee te werken aan een nieuw blad over hardlopen, gemaakt in samenwerking met franchise-keten Run2Day. Hoe hij mij gevonden had? Twitter. En ja, zin had ik. Ik schreef voor de zomervakantie mijn eerste vier bijdragen. Erg leuk om te doen. Na de vakantie kwam een volgende vraag: of ik hoofdredacteur wilde worden? Van zo'n gaaf blad? Natuurlijk. Met Van Rhoon en een mooi team van freelancers zijn we ondertussen bezig met het maken van nummer 2, terwijl vanaf vandaag het eerste nummer in de winkel ligt. Je vindt het blad bij alle Run2Day-winkels in het land, maar ook bij de kiosken van onder andere Bruna.

Onderwerpen in het eerste nummer zijn onder andere: nieuwe gadgets, mooie routes in eigen land, kleding (zoals sportbeha's), trainingsadviezen, een hardloopvakantie in Andalusië, een test van GPS-horloges en boekrecensies. Van Bram Bakker's nieuwe boek over de marathon van New York - 'New York, New York' - hebben we een mooie voorpublicatie.

Run2Day is een inhoudelijk, toegankelijk magazine over hardlopen anno nu met een scherp oog voor trends, de beleving rond het hardlopen en een gezonde lifestyle. Het blad hanteert geen wedstrijdperspectief, maar richt zich op de beginnende tot de gevorderde loper, die vooral plezier ervaart in het lopen en zoekt naar manieren om dat plezier verder te vergroten, om 'beter' te lopen met minder blessures.

Run2Day Magazine verschijnt voorlopig twee keer per jaar. In maart 2010 verschijnt de volgende editie.

Nooit meer een marathon... of toch?

Helemaal stuk na 42,195 kilometer. Het was weer afzien. Een marathon doet altijd pijn, holt je uit... en je denkt: nooit meer. Of toch? In die eerste dagen na de wedstrijd verstoort een waar Lagerhuisdebat je gedachten. Het woord is aan de virtuele voor- en tegenstanders van een volgend marathon-avontuur.

Nooit meer een marathon...
- Je stopte uren en uren in de voorbereiding, naar verhouding veel meer dan je nodig zou hebben voor een kortere afstand. Veel moest daarvoor wijken. Je partner of gezin, je vrienden. Maandenlang was je die ongezellige vent of vrouw die zich om elf uur (of eerder) verexcuseerde bij de medefeestgangers. Een marathonloper is een egoïstische Einzelgänger. Kun je die energie niet nuttiger besteden? De tuin moet nog worden omgespit, de vuilniszakken buiten gezet en je zou het zoldertje toch opknappen?
- Na een lange duurloop was je helemaal op. Dagenlang was je minder energiek op je werk. Je uitgemergelde kop riep vragen op. Gaat het wel met je?
- Er waren altijd wel pijntjes: je kuitspieren, een aanhechting in je bil, blaren, protesten van je knieën. Dat is toch niet leuk meer?
- Een sinaasappel per dag is gezond. Honderd sinaasappels per dag niet. Zo is het ook met hardlopen. Van 10 of 20 kilometer krijg je energie. Maar als je meer dan 40 kilometer doordendert... dat kan toch niet goed zijn voor een mens? Ze adviseren niet voor niets maximaal twee marathons per jaar te lopen. Je loopt nog eens heel je gestel naar de filistijnen!
- Waarom lopen we eigenlijk 42,195 kilometer? Ik zal het je vertellen: omdat in 1908 de finish van Olympische marathon voor de Engelse koninklijke tribune moest eindigen. Voor hetzelfde geld was het 48 km geweest (de afstand tussen Athene en Marathon) of 25 mijl. Ik vind 30 kilometer wel een mooie afstand: pittig, maar goed te doen en een mooi rond getal.
- Wat zijn we eigenlijk idoten. Met soms tienduizenden mensen verdringen we elkaar op altijd te smalle straten. We kunnen toch net zo goed alleen of met vrienden een paar uur in alle rust gaan rennen door bos en hei, over heuvels en door dalen, op een moment dat het ons schikt.
- Twee weken van tevoren moet je ineens drastisch trainingsgas terugnemen, tot twee weken erna moet je rustigaan doen. Vier verloren weken waarin je lekker in je eigen ritme door had kunnen trainen!
- Je loopt altijd het risico dat het niet lukt: een blaar, een blessure, te heet, te nat, te koud. Dan is alles voor niets geweest. VOOR NIETS GEWEEST!
- God, wat was je zenuwachtig van tevoren. Gek werd je ervan, je lag er wakker van. Ook al wist je dat het niet nodig was. Misschien probeerde je brein je iets duidelijk te maken?

Of toch weer een marathon...
- Toewerken naar een kraakhelder doel en het dan doen op het moment dat het moet: dat geeft een enorme zelfvertrouwen-boost. Je mag trots zijn op de zelfdiscipline die je hebt opgebracht. Zonder had je het nooit gered.
- Je kunt natuurlijk lekker doorsukkelen, maar af en toe je grenzen opzoeken houdt je vlijmscherp! Zo word je beter en beter. Tot weken na de marathon lijk je te zweven over het asfalt. Wat een topvorm!
- Al die bewondering van bankzitters en mindere goden voor die geweldige prestatie. Een marathon lopen, dat spreekt tot de verbeelding. Een medaille, soms een oorkonde, bloemen, kussen (op beide wangen), feliciterende handen, brieven, mailtjes... voor even ben jij de ster! 'Ik ben al moe als ik naar de koelkast loop', grapt een bierbuik. Leuk zijn is ook een gave, maar snel zijn is beter.
- Als je zo diep gaat, gebeurt er wat met je. Je voelt elke vezel in je lichaam en komt dicht bij je emoties. Je schaamt je niet voor tranen van geluk. Je schrijft historie. Weliswaar met name je eigen historie, maar toch.
- Het gevoel dat je deelt met je lotgenoten is sterk. Na de finish is de sfeer joviaal. De dag na de marathon deel je hartverwarmende blikken van verstandhouding met elke strompelaar die je op straat tegenkomt. 'Tevreden?' vragen ze. Zeg altijd: 'Ja!'
- Intensief trainen lukt beter met een stok achter de deur. Je voelt je superfit en -gezond.
- Veel en lang hardlopen helpt je te relativeren. Het is niet zo belangrijk wat je aan het doen bent, maar zeg nou eerlijk: dat geldt toch uiteindelijk ook voor al het andere dat je doet. We zijn maar een seconde in een zee van tijd en een stofje in een oneindig heelal.
- Heerlijk: taarten, bergen pasta met veel saus, toetjes... je mag maandenlang alles eten wat je wilt en komt geen grammetje aan!
- En als je nu een goed doel koppelt aan je marathon noemt niemand je meer egoïstisch. Wat heb jij toch veel over voor je medemens.